Welke lens gebruik je? Zoveel mogelijkheden
Fotografie

Welke lens zou je kunnen gebruiken

Ongetwijfeld één van de belangrijkste ‘wapens’ in het arsenaal van een fotograaf is tegelijk ook één van de meest variabele: de lens, ook wel objectief genoemd. In de volksmond hebben we het meestal gewoon over een lens, dus dat doe ik hier ook. Van een wijde 8mm fisheye tot een flinke 800mm telelens: er is van alles te krijgen. En dan ook nog in allerlei soorten, maten, gewichten en brandpuntsafstanden.

Door de kleinere sensoren in veel digitale camera’s, vaak DX of APS-C genoemd, verandert de beeldhoek bovendien per toestel. Dat heeft te maken met de zogenaamde verlengingsfactor. Maar of je nu een landschapsfotograaf bent die een dramatische zonsondergang wil vastleggen, of juist iemand die graag details in gebouwen fotografeert: de meeste lenzen zijn grofweg in te delen in vier categorieën.

Standaard

Op een fullframe camera valt een standaardlens meestal ergens tussen de 40mm en 55mm, waarbij 50mm de meest bekende en geaccepteerde norm is. Wil je ongeveer dezelfde beeldhoek op een DX-camera, dan kom je in de meeste gevallen uit op een lens van ongeveer 35mm.

Deze beeldhoek ligt dicht bij hoe wij de wereld met onze ogen ervaren. Daardoor geven dit soort lenzen een vrij natuurlijk beeld, zonder opvallende vervorming. Dat maakt ze geliefd voor bijvoorbeeld portretfotografie, maar ook voor allerlei dagelijkse onderwerpen. En nog een aardig feitje: de werkelijke beeldhoek van het menselijk oog wordt vaak vergeleken met ongeveer 43mm.

Nikon 50mm lens als voorbeeld van een standaardlens met een natuurlijke beeldhoek voor fotografie

Groothoek

Groothoeklenzen hebben een kortere brandpuntsafstand en daardoor een wijdere beeldhoek dan een standaardlens. Juist daarom zijn ze populair bij landschaps- en reportagefotografen. Je krijgt simpelweg veel van de omgeving in beeld, wat heel handig kan zijn als je een weids landschap, een interieur of een straatbeeld wilt vastleggen.

Denk ook nog even aan die kortere brandpuntsafstand die je bij een DX-camera nodig hebt ten opzichte van fullframe. Die behoefte aan steeds wijdere beeldhoeken heeft geleid tot allerlei nieuwe modellen. Een 17-35mm lens geeft op een DX-camera ongeveer de beeldhoek van een 25-52mm lens op een fullframe camera.

Nikon 17-35mm groothoeklens als voorbeeld van een lens met brede beeldhoek voor landschaps- en reportagefotografie

Macro

Heb je je weleens afgevraagd hoe fotografen het beeld helemaal kunnen vullen met kleine onderwerpen zoals insecten, meeldraden of structuren in bladeren? Het antwoord is vaak: een macrolens. Een echte macrolens kan een vergroting van 1:1 geven. Dat betekent dat het onderwerp op ware grootte op de sensor wordt afgebeeld.

Bovendien kun je met zo’n lens van heel dichtbij scherpstellen, soms al op enkele centimeters vanaf de lens. Macrolenzen zijn er in verschillende brandpuntsafstanden, grofweg tussen de 50mm en 200mm. Welke je kiest, hangt vooral af van wat je wilt fotograferen. Voor insecten is wat meer afstand vaak prettig, terwijl je voor bloemen of details ook prima met een kortere macrolens uit de voeten kunt.

Nikon macrolens als voorbeeld van een lens voor het fotograferen van kleine onderwerpen en close-ups

Telefoto

Iedere lens met een brandpuntsafstand groter dan 50mm is feitelijk een telelens. Een korte telelens, bijvoorbeeld tussen 70mm en 120mm, is heel geschikt voor portretfotografie. De langere telelenzen, vanaf ongeveer 135mm tot 300mm en verder, worden veel gebruikt voor sport- en natuurfotografie. Daarmee haal je onderwerpen dichterbij zonder er zelf bovenop te hoeven staan. Dat is natuurlijk ideaal bij vogels, wilde dieren of actie op afstand.

Gebruik je een DX-camera, dan krijg je daarbij ook nog te maken met de verlengingsfactor, vaak rond de 1,5. Een 200mm lens geeft dan ongeveer dezelfde beeldhoek als een 300mm lens op een fullframe camera. Dat kan in de praktijk best een mooi voordeel zijn.

Lange Nikon telelens als voorbeeld van een lens voor sportfotografie, natuurfotografie en onderwerpen op afstand